menu
Word Lid
Schriftelijke vraag: Betreft: Ondersteuning van lokale jeugdfuiven en jeugdorganisaties in onze gemeente
Schriftelijke vraag: Betreft: Ondersteuning van lokale jeugdfuiven en jeugdorganisaties in onze gemeente
AFDELING Jabbeke
Jabbeke 18 maart 2026




Aan de bevoegde Schepen Jeugd Dhr. Piet Berton
Aan het College van Burgemeester en Schepenen Jabbeke
Aan de Algemeen Directeur Mevr. Goele Broeckaert

Betreft:  

Schriftelijke vraag: Betreft: Ondersteuning van lokale jeugdfuiven en jeugdorganisaties in onze gemeente

Geachte,

Recent lazen wij de oproep van lokale jeugdhuizen en jeugdorganisaties waarin zij hun bezorgdheid uiten over het steeds moeilijker organiseren van klassieke dorps- en jeugdfuiven. Waar deze evenementen vroeger een laagdrempelige en populaire vorm van uitgaan waren voor jongeren, blijkt dat ze vandaag vaak financieel risicovol zijn en minder publiek aantrekken.

We merken bovendien dat jongeren hun uitgaansgewoonten hebben aangepast. Zij komen vaker thuis samen, besteden minder geld aan kleinere evenementen en kiezen vaker voor alternatieve vormen van uitgaan, zoals festivals, privéfeesten of kleinschalige initiatieven.

Tegelijkertijd worden jeugdbewegingen en vrijwilligers geconfronteerd met stijgende kosten en een groeiend aantal regels en voorwaarden, waardoor het organiseren van een fuif steeds risicovoller wordt.

Onze fractie deelt de bezorgdheid en vindt het belangrijk dat er wordt geluisterd naar deze signalen, zodat lokale jongeren ook in de toekomst kunnen genieten van toegankelijke en veilige uitgaansmogelijkheden.

In dat kader heb ik volgende vragen:

  • Hoe beoordeelt het college en meer bepaalt de bevoegde schepen voor Jeugd op de signalen vanuit jeugdhuizen en jeugdorganisaties over de moeilijkheden bij het organiseren van fuiven en andere jongerenactiviteiten?
  • Wordt er binnen het gemeentelijk beleid momenteel onderzoek gedaan naar het veranderende uitgaansgedrag van jongeren?

Zo ja, wat is de timing van dit onderzoek en welke actoren zijn daarbij betrokken?

  • Zal in dat onderzoek expliciet aandacht besteed worden aan de financiële en administratieve drempels waarmee jeugdorganisaties geconfronteerd worden?
  • Op welke wijze ondersteunt het college jeugdorganisaties en jeugdhuizen om in te spelen op nieuwe vormen van uitgaan en ontmoeting? Wordt hierbij ook ingezet op innovatie en alternatieve vormen van jongerenparticipatie?
  • Ziet het college mogelijkheden om bestaande regelgeving of ondersteuningsmaatregelen te herzien zodat laagdrempelige jeugdinitiatieven opnieuw meer kansen krijgen?
  • Heeft het college hierover al overleg gehad met de Jeugdraad en/of met bevoegde hogere overheden? Zo ja, wat was daarvan het resultaat, zo niet, is dat gepland en binnen welke timing?

Ik dank u bij voorbaat voor uw antwoorden en de aandacht voor dit belangrijke thema voor de lokale jeugd.



Met vriendelijke groet,

Reinhart Madoc
Gemeenteraadslid


ONTVANG ONZE NIEUWSBRIEF